Het was wat toen de harembroek in 1911 een voorstelrondje maakte. Je moest soms best goed kijken om het broekgedeelte te zien: vaak zat er een kuitlange jurk overheen. Maar voor Europese samenlevingen was een broekspijp over vrouwenbenen genoeg om in woede te ontvlammen.
‘Probeerjuffers’ vs. de paus
In Parijs, Londen en Madrid waren begin 1911 al ‘probeerjuffers’ in de harembroek gespot, die door omstanders ‘de straat afgemanifesteerd’ werden. Er kwamen zoveel relletjes dat Madrid maar liefst 50 politieagenten inzette voor het beschermen van harembroekdraagsters.
De haat was groot en de ophef was overal. Er kwamen toneelstukken en straatliederen. In de opinie-hoekjes van kranten buitelden mensen over elkaar heen. “Wel harembroek, goed voor de hygiëne!” “Nee, harembroek slecht!” En zouden de kinderen papa en mama nog wel uit elkaar kunnen houden?

De paus bemoeide zich er ook even tegenaan. Verrassing: die was natuurlijk een fel tegenstander! In L’Osservatore – het Vaticaans dagblad – sprak hij uit dat dit kledingstuk de dame ‘zedelijk verlaagt’ en ‘bant uit de rijen der fatsoenlijke vrouwen’. Precies wat anderen nodig hebben om er juist in te willen paraderen.
De Kalverstraat in rep en roer
In Amsterdam zou de eerste draagster zich in maart 1911 door de Kalverstraat gewaagd hebben. Al gauw kreeg deze mooie jonge vrouw een ‘ware volksverzameling’ achter zich aan, die zich ‘zoo onhebbelijk opdrong’ dat de politie haar moest komen redden. Een uur later zou het nog zwart gestaan hebben op het Spui.
Vanaf toen was de jacht op de harembroekdraagster geopend. Journalisten werden als honden achter ‘harembroek-juffers’ aangestuurd. En de reporter van fototijdschrift Het Leven had al gauw beet. Hij wist de harembroek niet alleen te kieken, maar kon er zelfs even aan snuffelen.

Ruiken aan de harembroek
Dat wil zeggen: een nietsvermoedende vrouw in harembroek liet haar treinkaartje vallen, en de reporter stortte zich met fopgalantie ter aarde om haar harembroek in te ademen.
‘We….’ (koninklijk meervoud?) ‘zagen den jupon’ (de harembroek dus, op zijn Frans culette-jupon) ‘van dichtbij, snoven het aroom van den vrouwelijken, in tweeën gescheiden rok, en met het gebaar der courtoisie van een middeleeuwschen ridder, reikten we haar het gevallen ticket.’
Helaas liet deze neus niets los over de aard van dit vrouwelijke aroom. Een grote teleurstelling voor ons lezers. Hoe moeten wij nu weten hoe de harembroek geroken heeft? Naar harem, of naar broek?

Ook buiten de Randstad
Wie overigens dacht dat dit alleen een randstedelijke gekte was, heeft het mis. Ook in Schagen werd in 1911 de eerste harembroek gespot – op een propaganda-bijeenkomst voor het vrouwenkiesrecht.
Vooral de gekte zelf leek wat randstedelijk. Actrice Sophie de Vries, een early adapter, wilde wel eens weten hoe men in Doetinchem op de harembroek reageerde. In de hoofdstad had zij regelmatig de hulp van handhavers nodig om veilig over straat te kunnen. Dat viel in Doetinchem nogal mee. Men keek even op, schudde het hoofd en ging door met leven.
Bronnen
Haagsche Courant, 27-2-1911
Algemeen Handelsblad, 28-2-1911, 22-3-1911
De Tijd, 5-4-1911
De Sumatra-Post, 29-4-1911, 19-5-1911


Plaats een reactie